Rijksweg Zuid 111a
6161 BH  Geleen
046 - 4741733

STUUR EEN E-MAIL

 

Kat: Suikerziekte

Wat is suikerziekte?
Bij de vertering wordt het voedsel afgebroken tot voor het lichaam bruikbare bouwstenen; koolhydraten worden omgezet in suikers, waarvan glucose de belangrijkste is. Glucose wordt vanuit de darmen opgetrokken om de lichaamscellen te voeden. Dit kan enkel gebeuren dankzij het hormoon insuline.
Insuline wordt gemaakt in de pancreas en wordt in het bloed vrijgelaten. Als er te weinig insuline actief is, blijft het glucosegehalte in het bloed (de glycemie) te hoog en spreekt men van suikerziekte of diabetes.

Wanneer en bij welke rassen komt suikerziekte het meest voor?
Alhoewel diabetes kan voorkomen op alle leeftijden, worden de meeste gevallen bij katten ouder dan 6 jaar vastgesteld(gemiddeld rond 10 jaar). De meest gevoelige dieren zijn gecastreerde katers. Wat het ras betreft schijnt er geen invloed te zijn.

Kan mijn kat genezen van suikerziekte?
Meestal kan het dier, door middel van een goed gecontroleerde behandeling met insuline, een vrijwel normaal leven leiden. De levensverwachting van een goed gestabiliseerde suikerpatiënt is dan ook vergelijkbaar met die van een gezond dier.

Wat zijn de symptomen?
Als het glucosegehalte in het bloed te hoog ligt, zal de nier het teveel aan glucose uit het lichaam verwijderen via de urine. De glucose die in de urine terechtkomt neemt extra vocht mee. Het gevolg daarvan is dat het dier meer gaat urineren en tenslotte ook meer gaat drinken. Omdat glucose een belangrijke brandstof is voor het lichaam, en dat die nu verloren gaat, zal de kat meer eten en toch gewicht verliezen. Vervolgens worden de dieren minder levendig en kunnen ze uiteindelijk ernstig ziek worden. Poezen met suikerziekte vertonen ook dikwijls een speciale gang ter hoogte van de achterpoten en lopen op hun hakken (men spreekt over plantigradie). Dit fenomeen is omkeerbaar met een aangepaste behandeling.

De belangrijkste symptomen zijn dus :
1. Meer urineren
2. Meer drinken
3. Meer eetlust
4. Vermageren
5. Verzwakking
6. Plantigradie
Als u één van die symptomen waarneemt, is het belangrijk om zo vlug mogelijk uw dierenarts te contacteren .

Hoe wordt suikerziekte behandeld?
Vooraleer u met de behandeling start, moet u goed beseffen dat uw dier misschien levenslang medicatie zal moeten krijgen en dat het toedieningsprogramma een zekere discipline en stiptheid vergt.

De behandeling van diabetes kan in verschillende delen worden opgesplitst, die allemaal van belang zijn om een goed resultaat te bekomen:

Insuline
Aangezien suikerziekte veroorzaakt wordt door een tekort aan insuline, moet dit tekort dagelijks, op een vast tijdstip, worden aangevuld met een insuline-injectie. Dit lijkt op eerste zicht heel moeilijk te doen voor de eigenaar, maar met wat hulp van uw dierenarts, kunt u de techniek heel snel aanleren en thuis zonder probleem het medicijn toedienen. Aan de hand van het suikergehalte zal uw dierenarts de hoeveelheid insuline bepalen die u dagelijks moet toedienen.
De eerste dag van de behandeling moet de kat onder toezicht van de dierenarts blijven, om het glucosegehalte in het bloed te kunnen controleren. Na die eerste dag mag de kat naar huis en kan u zelf de behandeling verderzetten, rekening houdend met de richtlijnen die door uw dierenarts gegeven zijn.
De kat zal wel nog regelmatig op controle moeten komen om na te kijken of de behandeling de gewenste resultaten oplevert, want na verloop van tijd kan de behoefte aan insuline veranderen en kan een aanpassing van de dosering nodig zijn.
Er bestaan ook medicijnen in vorm van pillen, maar de resultaten die we daarmee hebben zijn veel slechter.

Voeding
De kat zal een aangepaste voeding moeten krijgen om het gewicht op peil te kunnen houden. Het tijdstip van toediening is ook heel belangrijk en moet worden aangepast aan de insuline toediening.

Beweging
De hoeveelheid en mate van inspanning moeten in overeenkomst zijn met de hoeveelheid voedsel en de insuline dosering. Voor zwaarlijvige katten is de beweging heel belangrijk. Overdreven inspanningen moeten echter vermeden worden.

Waar moet ik op letten bij het toedienen van insuline?
-  Een aangepaste spuit gebruiken.
-  Altijd op dezelfde manier prikken.
-  Het insulineflesje in de koelkast bewaren (+/- 4°C)en voor gebruik heel voorzichtig een paar keer omdraaien (niet schudden!!).
-  De vervaldatum niet overschrijden.
-  Nooit zelf de dosis aanpassen, maar altijd advies vragen aan uw dierenarts.
-  Het tijdstip van toediening heel strikt naleven.

Hoe kan ik zien of mijn kat voldoende insuline krijgt?
Na een week behandeling moet u al duidelijk een effect merken. Bij een te hoge insulinedosering, een niet aangepast voedingsschema of een te grote inspanning kunnen verschijnselen van een te laag bloedsuikergehalte (hypoglycemie) optreden. Een te laag bloedsuikergehalte kan levensbedreigend zijn. Daarom is het heel belangrijk dat u de verschijnselen herkent : honger, rusteloosheid, trillen of rillen, vreemde bewegingen, evenwichtsstoornissen, bewusteloosheid.

In zo'n geval moet u :
- Zo vlug mogelijk voedsel geven
- Als de kat niet wil eten, zo snel mogelijk druivensuiker of honing op de tong en in de mond wrijven (steeds druivensuiker of honing in huis hebben!).
- Daarna zo snel mogelijk uw dierenarts contacteren